Hersteltalent

Dialoog 5 – Mensen met NAH (19 mei 2016)

Dialoog 5

Dag/datum Donderdag 19 mei, ochtend
Locatie Zeeuwse Bibliotheek, Middelburg
Aantal deelnemers 12
Doelgroep Mensen met NAH
Gespreksleider KK
Notulisten Klazine, Irene
Gast Jan   observatie
Onderzoeksvraag Hoe geef je je identiteit vorm na een boodschap van ziekte of ontslag in relatie tot de maatschappij?
Gedicht M.Szymborska; enige woorden over de ziel

Verslag:

E: “Ik had zeven jaar bij ’t ROC gewerkt. Toen werd me ontslag aangezegd. (…) omdat ik ernstig onzeker was. (…) Dat kwam hard binnen en ik wist daar moeilijk mee om te gaan.”

“Als je zelf het idee hebt, ze heeft wel gelijk, hoe ga je daar dan mee om?” (met betrekking tot de onzekerheid)

K: “Ik moet aan een voorval denken (…) dat heeft mij veel meer geraakt dan ik zelf wilde.”

“Jij moet is normaal doen, net als een ander. (…) Dat ongeluk is zoveel jaar geleden. (…) Dat ik niet op haar tempo in alles mee kan gaan. (…) En ik heb bijna een jaar lang (…) alles door haar ogen bekeken. (…) Dat heeft me ook belemmerd. (…) Maar jij hebt een probleem als je zo naar mensen kijkt.

A: “Ik kreeg van alle kanten te horen, je bent zo veranderd. (…) Ik zei alles wat ik dacht en ik dacht nogal veel. (…) Naar het strand ga ik liever zelf mee. (…) Op dat moment kon het me niet veel schelen. (…) Dan ga je aan jezelf twijfelen, ben ik dan zo veranderd? (…) Op dat moment dacht ik: veranderd, dat is toch ook logisch? (…) De oude jij is er niet meer (…) ik mistte mijn oude ik heel erg. (…) ik had heimwee naar m’n oude identiteit.

Ad: “We zijn klaar met u. Ik was blij dat ik weg kon.”

K: “Deze manier hoe ik dan doe wil ik niet” (naar aanleiding van het onderwerp zelfbeheersing)

M: “Ik heb veel moeit om met je vorige vrienden weer verder te gaan. (…) Toen ik aan ’t revalideren was had ik mijn vrienden niet  nodig. (…) Het heeft redelijk veel tijd nodig om de goede weg te vinden. (…) Op het moment dat je op de verkeerde weg bent, ben je jezelf eigenlijk niet.”

C: “M’n leven is wel zodanig veranderd dat ik anders over dingen denk. (…) niks is meer hetzelfde. (…) Je bent geloof ik een beetje op de tweede plaats. (…) onbegrip van andere mensen zie ik ook veel.”

D: “Dat je toch weer moet zoeken om je leven anders in te richten. (…) “Ik ben altijd een vechter geweest en dat is m’n kracht en m’n valkuil. Ik durf weinig zelf hulp te vragen.”

P: “Je wilt ook gezien worden in waar je voor vecht. (…) In gezelschap met gezonde mensen… ik klap dan dicht. (…) Hoe geef je je identiteit vorm.

J: “Ik kon mijn werk niet meer doen, alles liet mij in de steek. (…) ik hoor er niet meer bij ik werd als oud vuil aan de kant gezet. (…) Waar sta ik in de maatschappij, ik word straks ontslagen en wie ben ik dan nog?”

Vraag: “Hoe geef je je identiteit vorm na een boodschap van ziekte of ontslag in relatie tot de maatschappij?”

Reacties op het voorbeeld van Elly.

C:

Voel: “Erg gekwetst”

Denk: “Ze kunnen allemaal de boom in.”

Doen: “Vragen stellen”

M: Doen: Bellen, je wilt weten hoe het zit

Denk: “Moet ik hier nu blij mee zijn?” (met de bloemen)

D:

“Ik zou echt laaiend zijn.” “Ik zou naar het juridisch loket gaan.”

P: “Ik zou stampvoeten (…) ik zou verhaal gaan halen.”

A: “Beledigd” “Ik zou direct naar de betreffende mensen gaan.”

K: “Ik zou het heel pijnlijk en verdrietig vinden, boos en onzeker. Dichtslaan, dichtklappen, verkrampen. Er niet bij laten zitten. Ik wil duidelijkheid.

J: Waar ik dat (die bloemen) aan te danken? Woest, kwaad, onbegrip, ik vind het zo min.

Antwoorden:

C:

  • Met vallen en opstaan in geval van ziekte
  • Een ervaring rijker, meer diepgang.

Reactie Elly hierop:

Het is een heel gevecht als je wat mankeert. Onzekerheid is ook een gevecht.

M: Doen wat je kan doen, verder niet veel stil zitten. Zorg dat je aan het einde van de dag moe bent zodat je niet veel energie meer hebt om met alles bezig te zijn.

D: Ik kan absoluut niet tegen onrecht (…) Ik zou het hogerop zoeken. Ik zou heel strijdbaar worden. Zo van dit is niet het laatste (…) Ik ga het gevecht aan. Iedere dag probeer ik te knokken. Geeft nooit op, dat geeft mij kracht.

P: Accepteren zoals het is. Ik ben opnieuw aan het uitvinden wie ik ben. Ik ben onderweg (…) Ik zou daar eerlijk over zijn (…) open zijn.

E: Ik moet het niet zo op mijzelf betrekken. Je zinnen verzetten. Stug doorgaan.

J: Jezelf blijven, niet beter voordoen dan je bent (…) gewoon doorgaan met wat nog wel gaat.

K: Bij jezelf blijven. Luister naar jezelf. Blijf in jezelf geloven. Probeer zoveel mogelijk te genieten. (…) kijk naar wat je hebt meer naar wat je niet hebt. (…) Is de maatschappij wel altijd zo gezond? (…) Je overschat de maatschappij. Die gezonde maatschappij doe niet altijd zo gezond.

A: Ik zou proberen gewoon door te leven, aanvaarden wat je overkomen is. (…) Ik ben zoals ik ben en er veranderd niet zoveel. Het beste ervan zien te maken. Pluk de dag.

Essentie:

Ik doe het gewoon zo en ik belast er andere mensen niet mee.

Klaar:

Het stigma is dan dat je jezelf tot een ongezonde groep rekent?

  • Stichting Hersteltalent
  • Privacy