Hersteltalent

Dialoog 6 – Bestuurders (19 mei 2016)

Dialoog 6

Dag/datum Donderdag 19 mei, middag
Locatie Kloetinge
Aantal deelnemers 7
Doelgroep Bestuurders
Gespreksleider KK
Notulisten Klazine
Gast Paulien ’t Hoen, docent Socratische gespreksvoering
Onderzoeksvraag Hoe houd je zelfregie als je zelf de kracht daar niet voor hebt?
Gedicht Szymborska: De zeekomkommer/Autotomie

Verslag:

Ervaring met zelfregie en identiteit

M: “Ik had een hulpvraag. Daar werd op een eigenaardige manier mee omgegaan.”

S: Ik heb 2x kanker gehad (…) Ik weet nog dat ik heel wanhopig de keuze maakte: ik heb kanker ik ben geen kanker (…) Ik had heel sterk het gevoel dat ik het opeens was. Op het moment dat je de diagnose krijgt is zo’n moment. Op zo’n moment heb je inderdaad het gevoel dat je oude ik voorbij is.

Vraag: Hoe zorg je dat zelf één geheel blijft als er een splitsing komt.

M: Ik had niet de kracht om tot die zelfregulatie te komen.

Vraag: Als je zelf niet meer de kracht hebt om regie te voeren, wat zijn dan de alternatieven?

E: Wat mij toen zo kwetste was dat ik alsmaar het gevoel kreeg dat ik niet meer serieus genomen werd in wat ik kon.

Wat bepaald nu het beeld van de buitenwereld? (…) ik was opeens iemand met een enge ziekte.

Vraag: Wat bepaald nu het beeld van de buitenwereld over mijn identiteit.

M: “Ik werd een ding in plaats van een mens.”

Dat hij zoiets zei van (…) Hij zat te vissen waar ik zat. Hij zat met die groep in gedachten. (…) ik was zo verward. (…) Er was wel iets van een miscommunicatie. (…) Ik ben twee dagen op bed gaan liggen, ik kon niet meer. Op een gegeven moment was ik zo verdoofd dat ik niet meer kon denken.

Vraag: Wanneer raakte je verdoofd?

“Op het moment dat hij zei: je bent aan het begin van je verwerking.”

Hij kapte mijn verhaal af, je bent echt nog met verwerken bezig, je staat aan het begin. Ik snapte niet wat hij bedoelde.

Ik was ook verdrietig, voelde me niet gehoord (…) Ik wilde weg. (…) Dat bracht mij in verwarring. (…) Ik denk dat ik verdrietig en boos werd, waar haalt die man dat vandaan. (…) Voor mijn gevoel ontkende hij dat ik sterk was. (…) Ik voelde me afgewezen.

“Ik voelde nog wel iets van kwetsbaarheid. (…) op dat moment werd ik in de put geduwd.”

Waar is de kernidentiteit als iemand je wegduwt.

F: Hoe hou je jezelf overeind?

H: Hoe blijf ik mens in plaats van geval?

M: Ik denk dat hij in mijn no-go kwam.

I: Hoe kun je identiteit beschermen als je kwetsbaar bent.

M: In die kwetsbaarheid is ook je weerbaarheid aangepast. (…) Op dat moment voelde ik mij aangevallen. Ik kon niet zijn wie ik was. (…) Ik werd steeds kleiner.

Onderzoeksvraag:

“Hoe houd je zelfregie als je zelf de kracht daar niet voor hebt.”

Reacties:

H: Hufter, hopeloos, niet meer denken, zwijgen, terugtrekken, naar m’n vrouw kijken.

I: Denk: Weer zo’n arrogante… die het beter weet.
Voel: Verkillen, gelatenheid, uitchecken.

Doen: Meepraten en eigen koers varen.

S.

Denk: Dit is geen goede hulpverlener.

Voelen: Verdrietig, opstandig en ongelukkig.

Doen: Weggaan.

E:

Denk: Hij ziet me niet staan

Voel: Machteloze woede

Doen: Overtuigen en weglopen

F:

Denk: Ik denk niet zoveel.

Voel: Ik voel niet zoveel.

Doen: Afsluiten, terugtrekken en laten gebeuren.

J:

Denk: Schrikken, goh, heb ik het verkeerd begrepen.

Doen: Terugtrekken en automatische piloot

Antwoorden op de onderzoeksvraag.

F: De ander buitenlaten als die te dichtbij komt. Als je meer kracht hebt, handelen en het gesprek aangaan.

Waarom: Ik heb dat mijzelf aangeleerd.

J: Opstappen, al heeft hij gelijk, ik zou er graag zelf achterkomen. (Dan boeken lezen, liefst wetenschappelijk dank terug gaan en hem om de oren slaan.”

Waarom: Omdat ik het altijd zo doe.

H: Ik houd van autonomie (…) samen sta je sterker, ik geef de regie uit handen over aan mijn vrouw.

I: Ik ontsnap in mezelf (…) in mijn eigen veilige binnenwereld. “Bij veilige mensen waar ik weer tevoorschijn mag komen.

Waarom: Dat is gewoon zoals ik dat geleerd heb van jongs af aan.

S: Met een goede vriendin praten of iemand die ik wijs vind. Laten sudderen en dan weer oppakken. Uiteindelijk gebeurt er niets zonder dat ik dat wil. Rust en ruimte creëren.

Waarom: Dat is zo gevormd door alles wat ik heb meegemaakt.

E: Ik zou moeite doen om me niet te laten raken.

Waarom: Ik wil in latere instantie gezien worden. Dat iemand raakt aan wie je eigenlijk bent.

M: Ik zou het gesprek beëindigen, uit de situatie stappen. (…) door uit de situatie te stappen wordt ik niet meer geraakt en als ik meer kracht heb kan ik de zelfregie weer pakken.

Essentie:”

E:

Essentie: Stukje oordelen en gebrek aan zien van een ander.

Moed: Durven stellen van vragen.

Maat: Dat ik niet altijd oprecht geïnteresseerd ben in mensen.

Opgeven: Neiging tot controlestijl

Rechtvaardigheid: Begrip leert laten ervaren voor wat gelijkwaardigheid is.

S:

Essentie: Hulpverlenen met respect, wijsheid en empathie.

Moed: Nek uit steken om te zorgen dat er iets veranderd.

Kosten/opgeven: Tijd en energie.

Rechtvaardigheid: passende steun bij wederopbouw.

I:

Essentie: Fundamenteel onveilig.

Moed: Om me kwetsbaar op te stellen.

Maat: Mensen serieus blijven nemen.

Opgeven: arrogantie, ik doe het zelf wel.

Rechtvaardigheid: In contact blijven met elkaar.

H:

Essentie: Allemaal volwaardig mens willen zijn.

Moed: Wat is er echt aan de hand.

Maat: Eigen regie beter begrenzen.

Rechtvaardigheid: Voelt iemand zich erkent/gezien.

J:

Essentie: Het oordeel van anderen niet direct op jezelf toepassen.

Moed: Zelf confrontatie aangaan.

Maat: ander kan ook gelijk hebben.

Opgeven: verkeerd, geforceerd gevoel van eigenwaarde.

Rechtvaardigheid: Communicatie

F:

Essentie: Mensen weten elkaar niet te bereiken ondanks de beste bedoelingen.

Moed:  Vertrouwen in de ander.

Maat: Je hebt van beide kanten een rol.

Opgeven: Veiligheid.

Rechtvaardigheid: Open durven stellen naar elkaar.

M:

Essentie: Je identiteit blijft bestaan wat er ook gebeurd.

Moed: Op het moment dat je het niet meer weet, stop hier en ga niet verder.

Maat: Niet oplosbaar, tijd.

Opgeven: Regie

Rechtvaardigheid: OP een later moment het gesprek alsnog aangaan. Je kunt de ander niet veranderen.

Review van deelnemer:

Over het geheel genomen vond ik het een boeiende bijeenkomst met mensen uit verschillende achtergronden.

Het thema sprak mij heel erg aan. Ik vond het ook een gewaagd thema , dat aan een kern van leven raakt. Zelfregie is een pijler van mijn functioneren.

Ik vond het leuk om het Socrates gesprek een keer te ondergaan.

Wat ik er aan overgehouden heb: Iedereen liet iets van zichzelf zien. Dat is heel erg bijzonder in een groep van mensen , die elkaar niet kent. Het verrassende vond ik, dat er meer mensen waren met een strategie, zoals ik die ken en gebruik. Er zijn ook meerdere strategieën.

Ik had het gesprek toch wat meer willen voorbereiden. Het gaat namelijk om een echte kern in het gesprek en een emotioneel moment, waar iets gebeurde. Ik merkte dat er voor mij verschillende van die momenten in dat gesprek van toen, zaten.

Het feit dat op een gegeven moment , er wordt gevraagd om je in te leven in mij als voorbeeldgever en dan reageren als jezelf, geeft veel ruimte voor iedere deelnemer, maar ook voor mij als voorbeeldgever. Dan komen er nieuwe wijzen aan de orde.

Qua sheet gebruik: Het geeft houvast om de sheet met de concrete vraag/opdracht voor te houden.

MV

  • Stichting Hersteltalent
  • Privacy