Hersteltalent

“Als ik ergens zelfmoord pleeg is het hier in dit kouwe pleurisland”

Kéér op kéér werd het me in het ziekenhuis met de nodige overtuigingskracht ingepeperd. Ik moest NIET vergeten om mijn depot te komen halen. Het was immers héél belangrijk om ‘mijn ziekte’ onder controle te houden. Braaf stond ik jarenlang in de rij – om net als anderen –  te wachten tot ik aan de beurt was voor mijn spuit. Steeds weer bezwoer ik mezelf dat ik niet was zoals die anderen in de rij. En stééds weer moest ik met het schaamrood op mijn kaken toegeven dat dit wél zo was. Ik was één van hen; ik kon het niet ontkennen. Later ging ik braaf naar de huisarts – en óók hij legde me uit hoe belangrijk het voor ‘mijn soort mensen’ was om één keer in de twee weken een depot te komen halen. Inmiddels bezwoer ik mezelf niet meer dat ‘ik-niet-zo-iemand-was’. Ik wist dat ik zó was en had geaccepteerd dat het inderdaad beter was om dat te doen. Je kon immers maar nooit weten wat er zou gebeuren als je géén depot kreeg. Toen ik in het geheim besloot te stoppen was van alle gevoelens die daarop volgden – het verraad wat ik voelde doordat niemand contact met me opnam om te vragen waar ik bleef voor mijn depot – het meest ingewikkeld. Het maakte ze geen …… uit…..!! Ik besefte dat ik jarenlang in een grote zeepbel had geleefd. Ik had me langdurig en giftig laten voorliegen.

Ze belt me voor de vijfde keer. Of misschien de zesde. Het is een gewoonte geworden dat Roos haar baxter op donderdag al op heeft terwijl deze haar van dinsdag tot dinsdag van medicatie voorziet. Zuchtend vraag ik haar of de huisarts wéér extra pillen heeft gegeven. Ik ken het antwoord inmiddels. En wéér hoor ik mezelf nét iets te fel vragen waarom hij haar ‘in vredesnaam’ een baxter geeft als hij zich er toch niet aan houdt – en waarom zij toch íedere keer weer ‘die baxter achterover mikt’. En ook dát antwoord kan ik inmiddels dromen. Ik weet dat ze me nog niet genoeg vertrouwt om met haar mee te gaan naar de huisarts. Toen ik op enig moment haar lijst met pillen liet checken door een bevriend psychiater – en de lijst met klachten gaf waar Roos aan leed – zij deze droog: “Het kan inderdaad heel goed zo zijn dat je deze klachten krijgt van deze hoeveelheid medicatie”.

‘Weet je dat mijn huisarts me niet zomaar voor 2 weken medicatie wilde geven Ireen?’ ‘Oh nee joh Teun?’ ‘Nee… Ik belde naar de medicatielijn voor dat recept van 2 weken omdat ik natuurlijk met vakantie ga – en de volgende dag belde zijn assistente dat ze toch even wat dingen wilden checken. Ik was helemaal ‘perplext’…. Ik moest mijn ticket opsturen en de hotelboeking overleggen.’ ‘Goh Teun…’ ‘Nou, Ireen, ik moest wel even nadenken, maar ik vind het wel fijn dat mijn huisarts zo zorgvuldig is. Ik heb op enig moment niet voor niets een baxter gekregen. Er zijn jaren geweest dat als er een scheet dwars zat ik als enige oplossing had om mezelf van kant te maken. Uiteindelijk vind ik dit geloof ik wel fijn. Hij neemt me serieus en hij hoeft echt niet bang te zijn dat ik er zomaar tussenuit piep. Als ik het ergens doe dan is het hier in dit kouwe pleuris land en niet in zo’n ver land waar de zon altijd schijnt en zoveel lekkere mannen zitten…’ ‘Daar zal hij blij mee zijn Teun…’

Met een glimlach reed ik vandaag naar huis… Zomaar een huisarts die met terugwerkende kracht een diepe wond ‘heelt’ door dát te doen voor een cliënt wat ooit in mijn persoonlijke verhaal werd nagelaten. Hoop…

  • Stichting Hersteltalent
  • Privacy