Hersteltalent

Vol verbazing

Vol verbazing luister ik naar wat er om gaat in ‘de GGZ-wereld’. Ik zie hoeveel geld er van de gemeentes gaat naar GGZ-instellingen – of naar grote organisaties voor cliënten of familie van deze cliënten. Vol verbazing merk ik dat mensen die dit geld mogen besteden met droge ogen kunnen zeggen dat ze weer iets nieuws opgezet hebben met dit geld, terwijl er in feite heel weinig veranderd is, behalve dan een naam (“Oh ja, er is ook nieuw meubilair en er is geverfd). Het is nu geen dagbesteding, maar een ‘Herstelacademie’ en het is geen gesloten afdeling, maar een ‘HIC’ (High Intensive Care).

Vol verbazing merk ik dat deze organisaties overal mogen mee praten zonder dat hier maar enige sprake is van een suggestie over belangenverstrengeling of concurrentie voor andere organisaties. Zij zijn onderdeel van FACT-teams, zitten in commissies – of worden uitgenodigd voor interviews in de lokale kranten. Nooit wordt er gevraagd naar hun verleden, nooit wordt er getwijfeld over hun inzet, nooit wordt er gevraagd waarom de mails niet beantwoord worden en nooit wordt er raar opgekeken als de telefoon niet beantwoord wordt. Deze organisaties krijgen veel steun van overheden en de burgers – en dat is terecht, want zij doen vooral ook héél véél goed. Zij vangen de mensen op als zij een bed nodig hebben, voorzien hen van de nodige zorg en geven begeleiding.

Vol verbazing luister ik naar de verhalen van mijn collega ervaringsdeskundige. Zij heeft een stichting opgericht waardoor zij mensen kan begeleiden die werken aan hun herstel. Zij krijgt subsidie van de gemeente om een centrum te openen waar mensen elkaar kunnen ontmoeten. Van die subsidie betaalt zij de huur van het pand – en van wat erover blijft kan zij zo nu en dan een cursus verzorgen. Ook kan zij dan de thee en koffie betalen voor de mensen die naar het centrum komen. Vol verbazing merk ik dat een grote organisatie ook subsidie van de gemeente krijgt – en geen huur hoeft te betalen. Van hen wordt tot mijn verbazing een klein symbolisch bedrag gevraagd.

Vol verbazing hoor ik haar zeggen dat ze niet in een gebiedsteam mag zitten, wegens mogelijke belangenverstrengeling. En met open mond luister ik naar de instanties als ze weer willen weten wat zij met de gelden doet die haar stichting ontvangt.

Vol verbazing zie ik de interesse in avonden over onderwerpen betreffende psychiatrie als deze door mijn collega bij het ADRZ georganiseerd werden. Vol verbazing merk ik dat als zij dit namens haar stichting doet er ineens geen belangstelling meer is.

Vol verbazing zie ik mijn collega zich inzetten voor mensen die door organisaties naar haar stichting verwezen worden omdat zij het even niet meer weten met deze mensen. En mijn mond valt nog verder open als mijn collega dan uitermate veel moeite moet doen om betaald te worden voor de begeleiding van deze mensen. ‘Het zijn tenslotte mensen die tussen de wal en het schip vallen, dan is het moeilijk… dat snappen jullie toch wel?’.

Vol verbazing zie ik hoe deze kleine stichting, die valt of staat bij de inzet van deze ene collega, steeds meer mensen aantrekt. Er zijn steeds meer mensen bereid om óók mensen te begeleiden, lezingen te geven over herstel, cursussen te volgen of de stichting een warm hart toe dragen. Dit alles omdat zij geloven in de visie van deze ene collega, geloven in herstel en geloven in hun eigen inzet.

Vol verbazing hoor ik dat deze kleine stichting – die bestaat uit een bestuur van 3 man, een directeur die ook nog mensen begeleidt, en een aantal (ongeveer 10) vrijwilligers die zich inzetten, naast hun gewone bezigheden – gezien wordt als concurrentie. Deze kleine stichting krijgt kritiek omdat soms de telefoon niet opgenomen wordt en er af en toe een mail niet beantwoord wordt.

Vol verbazing omdat deze stichting het zich niet kan veroorloven om een telefoniste in dienst te nemen. Vol verbazing omdat deze stichting geen administratieve kracht in dienst kan nemen die alle mails direct beantwoord. Vol verbazing omdat de grote organisaties/instellingen niet beseffen dat als deze ene collega weg valt er geen stichting meer is. Is dit ook zo bij de grote organisaties? Ik denk het niet… Vol verbazing vraag ik me af waar de compassie is…

Judith Koudijzer,

medewerker Stichting HerstelTalent

  • Stichting Hersteltalent
  • Privacy